Column

Lassus: Britannia Rules the Waves

Net als de muziek van Händel, die het grootste deel van zijn leven in Engeland woonde en daar zo beroemd werd, dat zijn begrafenis in Westminster Abbey door duizenden werd bijgewoond (en, natuurlijk ook het werk van Edward Elgar), is die van William Walton (1902-1983): met veel gevoel voor het grote gebaar, nooit benepen van klank of inhoud, royaal—ja, ‘royal’, dat is het woord: niet voor niets kreeg Walton opdrachten om muziek te schrijven bij Engelse kroningen, die van George VI in 1937 en later bij de troonsbestijging van koningin Elisabeth.

Kort na elkaar hoorden wij zijn vioolconcert (1937), weergaloos gespeeld door de Japanse Midori (een ‘Prom-concert’) en zijn celloconcert (1956) (een Robeco-zomerconcert met Quirine Vierssen, ook zeer goed). Wat een schitterende muziek, zeker, de ‘vooruitgangsfreaks’ zullen haar misschien ouderwets vinden, maar voor ons waren het klanken van deze tijd, ritmisch interessant en origineel, met een enorme vitaliteit, veelal overstraald door thema’s van sensuele melancholie (kan dat?) en een onvergankelijke glamour, alles bekwaam en verrassend georkestreerd.

Koop die muziek, en luister aandachtig—het vioolconcert, geschreven voor de grote Jascha Heifetz is verbluffend virtuoos. Er is een opname van Midori zelf, en wie de oorspronkelijke opname van het celloconcert door de held Gregor Piatigorsky met het Boston Symphony Orchestra onder Charles Munch kan krijgen, mag dat niet nalaten. Op het puntje van de stoel—daar kom je onherroepelijk terecht!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Privacy Preference Center